Posts tonen met het label Keulen. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Keulen. Alle posts tonen

maandag 11 juni 2012

Muze op Maandag: het Römisch-Germanisches Museum

Schrijfplankje (triptychon). De stilus er direct voor (nr. 10) bevat de inscriptie
'hego scriba sine manum (ik schrijf zonder hand).
(Römisch-Germanisches Museum - Keulen)
Tijdens een tweedaags reis aan Keulen vorige week bracht Muze op Maandag een bezoek aan het Römisch-Germanisches Museum. Het museum geeft een beeld van een Romeinse kolonie aan de rand van het Romeinse Rijk. Muze op Maandag geeft een rondleiding.

Het Römisch-Germanisches Museum (RGM) is opgericht in 1946. Hoogtepunten van het museum zijn het Dionysosmozaïek (ca. 220/ 230 n. Chr) waarop in 1999 de top van de G8 hun lunch hebben gebruikt, en een metershoog grafmonument. Het museum telt drie verdiepingen: de kelder kent een indeling op thema en je kunt er het Dionysosmozaïek van dichtbij bewonderen; op de begane grond is er ruimte voor wisselende tentoonstellingen en op de eerste verdieping krijg je een chronologisch overzicht van Keulen (en omgeving), vanaf de prehistorie tot en met de Frankische tijd.

Er valt meer dan genoeg te zien. De vitrines staan aan de wanden en zijn niet te vol, en in het midden is er ruim aandacht voor inscripties, mozaïeken en bustes. De collectie richt zich op Romeins-Germaanse objecten: gedecoreerd aardewerk of een grote verzameling marmeren beelden zul je er niet vinden. Wel is er veel te zien over het leven van alledag: je staat oog-in-oog met een replica op ware grootte van een Romeinse reiswagen; een computeropstelling waar je in een gedeeld scherm gelijktijdig door Romeins Colonia het moderne Keulen kan 'wandelen'; een schatkamer vol juwelen; maquettes; bronzen beeldjes; mozaïekvloeren; munten; speelgoed; glaswerk en (Terra Sigillata) aardewerk. Te veel om op te noemen.

Schrijfplankjes heeft het museum ook. In de kelder tref je verschillende exemplaren waaronder een triptychon (drie plankjes) met sporen van het alfabet. Of een schrijfstift (stilus) met de (incorrecte) inscriptie 'hego scribo sine manum' ('Ik schrijf zonder hand').

Er is veel ruimte gereserveerd voor (graf)inscripties. Natuurlijk, er is het metershoge grafmonument bij de ingang ter ere van Lucius Poblicius uit 40 n. Chr. Elke inscriptie vertelt ook zijn eigen verhaal, zoals de grafinscriptie uit de tweede of derde eeuw n.Chr. die Lucius Cassius Tacitus heeft opgericht voor zijn overleden zoon Vernaclus, die slechts negen dagen oud was geworden ... (voor wie de inscriptie wil nazoeken: CIL XIII, 8375).

Interessant was het ook om de collectie te bekijken met in het achterhoofd de archeologische objecten die net buiten het Romeinse Rijk zijn gevonden, zoals hier in Friesland. En spiegel je de objecten uit het RGM tegen de objecten die in Friesland zijn gevonden, dan stuit je op veel overeenkomsten. Dit is des te interessanter als je je realiseert dat Friesland vanaf 28 n. Chr. geen deel meer uitmaakt van het Romeinse Rijk.

Bijzonder was de tijdelijke tentoonstelling 'Die Rückkehr der Götter. Berlins Antiken zu Gast in Köln'. Berlijnse musea openen steeds meer de depots en maken de collecties beschikbaar voor de moderne bezoekers, via de eigen musea of via gasttentoonstellingen. Zo ook met deze tentoonstelling in het RGM. Antieke beelden, gedecoreerd aardewerk en zelfs een meer dan manshoog centraal deel uit het reliëf van het Pergamonaltaar dat de Gigantomachie verbeeldt. Zeer bijzonder om zo van dichtbij te bekijken.

(met dank aan Luc de Vries)

maandag 4 juni 2012

Muze op Maandag: de sterke vrouw van Keulen

Julia Agrippina Minor (Römisch-Germanisches Museum - Keulen)
Muze van Maandag heeft een tweedaagse reis gemaakt naar Colonia Claudia Ara Agrippinensium, beter bekend als Keulen. Hoe komt de stad Keulen aan haar naam? En wie was die sterke vrouw van Keulen? Muze op Maandag legt het uit.

Keulen dankt haar naam aan niemand minder Julia Agrippina (Minor) (15 - 59 n. Chr.). Agripinna is stevig geworteld in het Julisch-Claudische huis: zo was zij de zus van keizer Caligula, vrouw van keizer Claudius en moeder van keizer Nero met wie zij naar verluidt de eerste jaren van Nero's keizerschap het Romeinse Rijk bestuurde. Agrippina is geboren op 6 november 15 n. Chr. Haar moeder was Vipsania Agrippina (Maior), de kleindochter van keizer Augustus. Haar vader was de Romeinse veldheer Germanicus.

De geboortestad van Agrippina is Oppidum Ubiorum, de stad van de Germaanse stam de Ubiërs. Nadat de Ubiërs het onderspit delfden tegen Julius Caesar, werden zij door de Romeinse generaal Agrippa in 38 of 19 v. Chr. overgezet van de rechterzijde van de Rijn naar de linker zijde. In 9 v. Chr. krijgt Oppidum Ubiorum een altaar (Ara) voor de keizercultus waarna de naam verandert in Ara Ubiorum. De signalen waren duidelijk: Ara Ubiorum moest gaan dienen bestuurlijk middelpunt van de nieuw op te richten provincie Germania.

In 49 n. Chr. trouwt Agrippina Minor met keizer Claudius. In haar ere stichtte Claudius in Agrippina's geboortestad een kolonie voor de veteranen. Ara Ubiorum verandert in Colonia Claudia Ara Agrippinensium (CCAA): kolonie voor veteranen (Colonia), gesticht tijdens het keizerschap van keizer Claudius (Claudia), met een eigen altaar (Ara), genoemd naar Agrippina (Agrippinensium). Tot in de vijfde eeuw blijft de naam van de stad verbonden met de naam Agrippa, maar daarna verandert de naam geleidelijk in Colonia hetgeen we terug zien in het hedendaagse Cologne en 'ons' Keulen.

In het Keulen van vandaag is geen plek, gebouw of monument dat herinnert aan haar naamgeefster, op een klein stukje straat langs de Rijn na. Wel is Agrippina in het (zeer aan te raden) Römisch-Germanisches Museum in Keulen nadrukkelijk aanwezig met onder andere deze buste (foto boven).